Doelstelling

Hoewel iedereen weet dat hoogbegaafde kinderen op school een uitdaging nodig hebben gebeurt dit in de praktijk lang niet altijd. Bovendien worden er op het gebied van hoogbegaafdheid nogal eens verkeerde diagnoses gesteld. Zo krijgen hoogbegaafde kinderen vaak ten onrechte het stempel adhd of autist. Er is in de loop der jaren enorm veel onderzoek gedaan naar hoogbegaafdheid en onderpresteren en ondertussen wordt het hoogste tijd dat het scholen aangerekend gaat worden als ze een hoogbegaafd kind gedwongen laten onderpresteren. En blokkeren in hun zelfontwikkelingsdrang.

Uit de stand van educatief Nederland, van de onderwijsraad:
Allereerst is diagnostische expertise in het algemeen onvoldoende aanwezig bij basisscholen. Dit komt niet alleen doordat begaafdheid moeilijk te meten is; het heeft ook te maken met een afwachtende (soms negatieve) houding van school en leraren en een moeizame communicatie tussen school en ouders enz. Andere belemmeringen liggen in het niet kunnen kiezen uit het aanbod aan methoden en de versnippering van de ondersteuningsstructuur………. Ten slotte zou een heldere schoolvisie op de aanpak van (hoog)begaafdheid ondersteunend zijn bij een goede communicatie tussen ouders en school, zie ook:
De stand van educatief Nederland

Door de negatieve houding van scholen en leraren worden hoogbegaafde kinderen op scholen nauwelijks erkend. Men gaat volop aan de slag met de signalen, die kinderen die noodgedwongen zijn gaan onderpresteren, met zeer schadelijke gevolgen voor het kind. Straffen bij slechte cijfers eindeloze preken hij/zij moet eerst maar eens leren spelen enz enz. Het laten doubleren omdat de leerkracht met een negatieve houding ten opzichte van hoogbegaafde kinderen van mening is dat het kind sociaal-emotioneel niet toe is aan de volgende groep. Hierdoor kunnen hoogbegaafde kinderen dermate ernstig in de knoop komen dat ze zich af gaan vragen of ze er nog wel mogen zijn. Het kind mag totaal niet meer zichzelf zijn en moet zich op alle fronten aanpassen. Scholen die wel aan de slag gaan met een beleid, gaan nogal eens enthousiast aan de slag met de slimme snel lerende kinderen, welke prima in het schoolsysteem passen (zie verschillenlijst) Wanneer hoogbegaafde kinderen al verdieping of verrijking krijgen wordt dat nog veel te vaak pas dan gegeven wanneer de leerling alle opdrachten heeft gemaakt die de andere kinderen ook maken, terwijl dit kind veel minder oefenstof nodig heeft om zich de stof eigen te maken. Het verveelt zich dus bij een groot deel van de te maken oefeningen, evenals bij voor dit kind te langdurige uitleg en instructie. Bovendien is de didactiek niet afgestemd op zijn of haar manier van denken.

Van hoogbegaafde kinderen wordt dus een enorme inspanning gevraagd om zich te handhaven binnen het onderwijs. Ze verkeren door het heersende onbegrip vaak voortdurend in een onveilige omgeving. Veel begaafde kinderen kunnen dit niet volhouden en haken af wanneer geen echte tegemoetkomingen door de school worden gedaan. Niet het kind maar het onderwijs kan en moet dit probleem oplossen. Ieder mens wordt geboren met bepaalde eigenschappen en kenmerken. Binnen de onderwijswetgeving is daar op vele manieren rekening mee gehouden. Er is echter een groep waarmee tot nu toe heel erg weinig rekening wordt gehouden en dat zijn de top-down lerende kinderen. Voor alle bekende categorieën kinderen die ‘uitvallen aan de onderkant’ is wel een vorm van speciale zorg die aansluit bij hun behoeften Voor de ‘uitvallers aan de bovenkant’ echter nog steeds niet.

Hoewel deze groep precies even groot is als de groep die in het reguliere onderwijs vanwege een lage intelligentie niet geholpen kan worden, zijn voor hen geen aangepaste methoden of werkwijzen ontwikkeld. Er zijn geen speciale scholen voor begaafde kinderen Kinderen die gedwongen zijn gaan onderpresteren worden tot nu toe naar lagere niveaus verwezen. En dat is een enorme denkfout. En zeer schadelijk voor het kind.
Het kind ging immers onderpresteren omdat de lesstof te simpel is. Het is dan niet logisch om de lesstof nog simpeller te maken. Voor hoogbegaafde kinderen is doubleren of een niveau lager dus een ramp. De gevolgen laten zich raden. Het kind wordt ziek, depressief faalangstig lastig druk of juist stil en teruggetrokken enz. Tenslotte haakt het eens zo vrolijke leergierige en zeer gemotiveerde kind totaal af.

Wat moet er volgens de “TBO” gebeuren.

  • Ouders moeten mondiger worden en niet langer door angst dat hun kinderen hierop aangesproken worden hun mond houden. Ouders en kinderen hebben rechten! (zie wetten)
  • Ouders zijn de eerste ervaringsdeskundigen van hun kind en dienen serieus genomen te worden.
  • Er moeten zo spoedig mogelijk opvangplaatsen in zowel primair als voortgezet onderwijs komen voor kinderen die nu beschadigd zijn door het voor hoogbegaafde kinderen inadequate Nederlandse onderwijs.
  • Pabo’s en leraren opleidingen moeten zo spoedig mogelijk aandacht besteden aan hoogbegaafdheid. Het moet verplicht onderdeel van de studie worden.
  • Scholen moeten verplicht hun personeel bijscholing laten volgen op het gebied van hoogbegaafdheid.
  • Consultatiebureaus kinderopvang en peuterspeelzalen enz zouden zich zo spoedig mogelijk moeten bijscholen.
  • Bij binnenkomst op de basisschool moet een uitgebreid intakegesprek plaatsvinden. Samen met ouders de ontwikkeling van het kind doornemen aan de hand van door specialisten samengestelde vragenformulieren. De eerste 6 weken moet een kind zeer goed geobserveerd worden.
  • Iedere gemeente in Nederland moet ervoor zorgen dat er in de nabije omgeving voor alle kinderen onderwijs op maat komt DUS OOK VOOR HOOGBEGAAFDE KINDEREN.
  • ONDERWIJS IS GRATIS DUS OOK VOOR HOOGBEGAAFDE KINDEREN.
  • De positie van ouders dient zo spoedig mogelijk verbeterd te worden. Een geheel onafhankelijke klachtencommissie met bindende adviezen.
  •